Rookstop
Niets is meer doeltreffend maar moeilijker dan rookstop .Zie ook op deze site de rubriek over gedragsverandering.
Vrienden ,collega’s en familie kunnen bijdragen tot rookstop. Bij het stoppen van roken door de partner, kon 67 % van de rokers minder roken. Als vrienden dit deden had dit een invloed bij 36 % en bij broers of zusters 25 %.
Enkele links vanuit de Vlaamse Liga tegen kanker
Vanuit de vereniging voor cardiochirurgie is er een heel goede brochure .link
Achtergrondsinformatie en motivatie
Ook Nederlandse site (maak uw keuze ) met individuele begeleiding WWW.STIVORO.NL
Roken is een verslaving
Deze afhankelijkheid gelijkt op die van alcohol- en opiaatverslaving en uit zich op sociaal vlak, pychologisch vlak en door veranderingen in de hersenfunctie.
De belangrijkste oorzaak is nicotine, het belangrijkste alkaloïde van tabak. Vanuit de longen bereikt nicotine de hersenen via de slagaders in enkele seconden en in minder dan 5 min zijn de specifieke receptoren verzadigd. Binnen 10 min na het roken van een sigaret worden pieknicotineconcentraties (30 tot 60 ng/ml plasma) bereikt ("boostereffect") die leiden tot de vorming van nieuwe receptoren (upregulation). De nicotine blijft ongeveer 2 à 4 uur in het lichaam. Tabaksverslaving is enerzijds een gevolg van psychologische en sociale of affectieve stimuli en anderzijds een optreden van ontwenningsverschijnselen bij stoppen (craving).
Roken is de belangrijkste oorzaak van vroegtijdig overlijden in de ontwikkelde landen. Om de 8 seconden sterft er iemand aan de gevolgen van roken. In 2025 zal tabak 1 slachtoffer maken om de drie seconden. De ziekte en sterfte hangen vooral samen met de duur van het roken eerder dan met de hoeveelheid sigaretten.
- Na een myocardinfarct halveert rookstop het voorkomen van een nieuw infarct en de sterfte binnen 5 jaar. De noodzaak tot heringreep na overbrugging of stenting daalt in dezelfde mate.
- Bij COPD-patiënten die stoppen met roken, neemt de snelheid van achteruitgang van de longfunctie af tot een niveau dat wordt gemeten bij niet-rokers.
- Roken kan problemen veroorzaken bij het toedienen van medicatie voor de behandeling van hart- en vaatziekten, longziekten en kanker.
- De nadelige effecten van roken worden niet teniet gedaan door sporten: rookstop blijft noodzakelijk.
- Roken doet de huid sneller verouderen en de menopauze treedt vroeger op.
Stoppen met roken
Een goede motivatie van de patiënt (geloven dat hij kan stoppen met roken en inzien dat hij daar belang bij heeft) en een doeltreffende compensatie van het ontwenningssyndroom zijn essentieel voor een onmiddellijke rookstop.
Nicotine vervanging.
Nicotinesubstitutie(NS) is mogelijk bij hartpatiënten en zwangere vrouwen die sterk verslaafd zijn en last hebben bij het stoppen met roken. 1 sigaret geeft ongeveer 1 mg nicotine af. Dat moet dan worden gecompenseerd met 1 mg nicotine vervanging.Overdosering van nicotine (hyperactiviteit, insomnia, hoofdpijn, tachycardie, hartkloppingen, maagpijn, nausea, diarree, geen ontwenningsverschijnselen) alsook allergie aan de patch komen zeer zelden voor. Verslaving aan NS staat ter discussie maar de gunstige effecten van deze goed geëvalueerde behandelingsvorm staan momenteel buiten kijf.
Varenicline is een gedeeltelijke stimulator van de nicotinereceptor en veroorzaakt een vermindering van het gevoel van gemis en van craving, wat het stoppen met roken vergemakkelijkt. Er zijn geen geneesmiddeleninteracties bekend, het wordt goed verdragen en de bijwerkingen bestaan uit een matige nausea bij het opstarten (30%) en slaapstoornissen. De behandelingsduur is drie maanden met mogelijkheid tot verlenging bij abstinente patiënten. In de opstartfase wordt de dosis geleidelijk opgevoerd gedurende een week. De aanbevolen dosis op dag 8 is 1 comprimé van 1mg 2 maal daags.
Het product leidt tot een verdubbeling van het aantal mensen dat stopt met roken door de aanpak van het abstinentiesyndroom en van de craving. Studies wijzen op de superioriteit van varenicline versus bupropion op het vlak van rookstop. Verlenging van de behandeling met drie bijkomende maanden bij abstinente patiënten verhoogt nog het aantal stoppers op 12 maanden .Bupropion helpt rokers bij het stoppen met roken, vooral erg verslaafde rokers. Het vermindert de craving, de ontwenningsverschijnselen en de gewichtstoename. Het verdubbelt het percentage rookstop op korte, middellange en lange termijn. De behandeling moet steeds worden gecombineerd met een langdurige psychologische begeleiding en gedragstherapie. Combinatie met nicotinesubstitutie is mogelijk. Bupropion kan ook worden gecombineerd met een antidepressivum maar daar moet men toch voorzichtig mee zijn. De behandeling duurt 7 tot 9 weken. De startdosis bedraagt 1 tablet per dag gedurende 6 dagen. Daarna wordt de dosering verhoogd tot 2 x 1 tablet per dag met een interval van minstens 8 uur. Aangeraden wordt volledig te stoppen met roken vanaf de 12e dag van de behandeling. Doorgaans wordt bupropion goed verdragen. De frequentste bijwerkingen (> 1/100) zijn : slaapstoornissen, droge mond, hoofdpijn en allergische huidreacties die meestal goedaardig zijn. Bupropion kan echter convulsies veroorzaken (1/1000 tot 1/10 000) en mag dan ook niet worden toegediend aan epilepsiepatiënten of aan patiënten met een verlaagde epilepsiedrempel (tumor van het CZS,…). Andere contra-indicaties en voorzorgen bij het gebruik zijn : leeftijd lager dan 18 jaar, zwangerschap en borstvoeding, ontwenning van alcohol of benzodiazepines, anorexie, boulimie en ernstige lever- of nierinsufficiëntie (bupropion wordt door de lever gemetaboliseerd tot 3 actieve metabolieten en wordt voor 85% door de nieren uitgescheiden). Bij lichte bijwerkingen (slaapstoornissen) en bij bejaarden wordt de dosering met de helft verlaagd. De kans op verslaving en abusus blijkt zeer gering te zijn.
Bupropion en varenicline mogen worden voorgeschreven 3 maanden na een myocardinfarct.
Na een mislukte rookstoppoging is ongeveer de helft bereid een nieuwe poging te ondernemen; medicatie blijft dan ook nog geassocieerd met een tweemaal hogere kans op succes (ongeveer 15% ipv 7%).
Rookstop leidt vaak tot een gewichtstoename de eerste maanden. Zware rokers en vrouwen zullen meer in gewicht toenemen, maar 30% van de mensen die stoppen met roken, zal niet verdikken.
Het gewichtsprobleem moet op verschillende manieren worden aangepakt : progressief meer lichaamsbeweging afhankelijk van de mogelijkheden van de persoon; een beter voedingsevenwicht (eenvoudige en light keuken; vetten, suikers die snel worden geabsorbeerd, en alcohol mijden; ’s avonds een lichte maaltijd; steeds ontbijten); transdermale en perlinguale NS in een voldoende hoge dosering en gedurende voldoende lange tijd (een soms zeer lange NS vermindert de ontwenningsverschijnselen, de gewichtstoename en de drang naar suiker); ook bupropion gaat de gewichtstoename tegen, maar anorexie en boulimie zijn contra-indicaties voor bupropion.
Roken is verantwoordelijk voor 10% van het sterftecijfer bij pasgeborenen, het verhoogt de kans op extra-uteriene zwangerschap,placenta afwijkingen , dood van de ongeboeren foetus , vroeggeboorte, groeivertraging in de zwangersschap, vertraagde psychomotorische ontwikkeling en respiratoire infecties van de pasgeborenen.
Men moet de vrouwen steeds voorstellen te stoppen met roken, liefst zo vroeg mogelijk (zodra de vrouw wenst zwanger te worden of weet dat ze zwanger is) en ze daarbij helpen. De medische begeleiding moet zeker worden voortgezet tot de eerste drie maanden na de bevalling.
Er bestaat een verband tussen een voorgeschiedenis van depressie, depressie en sterke tabaksverslaving met herhaalde mislukkingen bij vroegere pogingen om te stoppen met roken. Er kunnen tekenen van depressie optreden bij het stoppen met roken.Het voorkomen van roken bij schizofrene patiënten (die vaak zeer sterk verslaafd zijn) is driemaal zo hoog als in de algemene bevolking.Angststoornissen (sporadische symptomen of bewezen stoornissen zoals sociale fobie) komen frequent voor bij rokers en kunnen adolescenten ertoe aanzetten te gaan roken (factor socialisatie).Er bestaat een verband tussen de consumptie en de afhankelijkheid van alcohol en die van tabak en de ernst van de afhankelijkheid. Mensen die verslaafd zijn aan alcohol en roken, lopen 15-maal meer kans om kanker te krijgen van de bovenste luchtwegen en het bovenste spijsverteringskanaal.
Al die elementen onderstrepen de psychoactieve en stemmingsregelende effecten van tabak alsook de noodzaak van een psychiatrische evaluatie bij rokers die een ontwenningskuur volgen. Bij psychiatrische stoornissen wordt de behandeling aangepast.
Samenvatting van doeltreffendheid van de verschillende rookstopmethodes
Effectiviteit na 12 maanden : Nicotinevervangers verdienen de eerste voorkeur.
advies op maat 7% (= minimale tussenkomst voor stoppen met roken in de huisartspraktijk)
intensieve begeleiding 16%
telefonische begeleiding 8%
nicotinekauwgom 17%
nicotinepleisters 13%
nicotine-inhaler17%
nicotinezuigtabletten (ongeveer)20%
bupropion 17%
nortriptyline (ongeveer) 24%
Nota Percentages van personen die met deze methode gedurende een jaar niet hadden gerookt. Deze getallen zijn niet geschikt om effectiviteit van de methoden onderling te vergelijken, omdat er geen vergelijkende onderzoeken bij dezelfde groepen zijn uitgevoerd.
Nuttige sites: rooknietbijmij
rookstopcoach: online rookstopbegeleiding
tabakstop